|
Mortel- en Morteltransportondernemingen 2007/2008
Verbindendverklaring CAO-bepalingen
Artikel 18
Overwerk en verschoven werktijd
Overwerk
Overwerk is door of namens de werkgever opgedragen arbeid:
òf tengevolge waarvan de normale dagelijkse arbeidsduur volgens
dienstrooster wordt overschreden,
òf arbeid tengevolge waarvan de normale arbeidsduur per
kalenderperiode van vier weken wordt overschreden (conform
Bijlage VI).
Overwerk wordt zoveel mogelijk voorkomen, doch is verplicht indien
de werkgever dit met inachtneming van de wettelijke bepalingen
eist.
Overwerk en maximale arbeidstijd
Per kalenderperiode van vier weken mag de werkgever de werknemer
maximaal 180 uur laten werken (normale werktijd en overuren
tezamen). Werkgever en werknemer zullen hiermee bij de inrichting
van de werktijd en het dienstrooster rekening houden.
Overwerk op zondag en christelijke feestdagen
Op zondag mag geen overwerk worden verricht tenzij ontheffing
hiertoe wordt verkregen op een daartoe schriftelijk ingediend verzoek
bij de Kleine Commissie voor de Mortel- en Morteltransportondernemingen
als bedoeld in artikel 6.
Werknemers die uit godsdienstige overwegingen principiële bezwaren
maken tegen het verrichten van arbeid op zondagen en christelijke
feestdagen, kunnen evenwel niet tot overwerk worden verplicht
op deze dagen.
Overwerk in het loon begrepen
De werkgever kan met een werknemer die is ingedeeld in de salarisgroepen
V, VI of VII van bijlage IV schriftelijk afspreken dat overwerk
in het loon is inbegrepen. De vóór 1 maart 1989 reeds bestaande
afspraken ten aanzien van overwerk tussen de werkgever en
Mortel- en Morteltransportondernemingen 2007/2008
Verbindendverklaring CAO-bepalingen
de werknemer die is ingedeeld in één van voornoemde salarisgroepen
blijven onverminderd van kracht.
Geen overwerk
Geen overwerk is:
arbeid, welke verricht wordt voor het inhalen van verzuimde
dagen of uren niet zijnde geoorloofd verzuim, bijzonder verlofof
feestdagen zoals bedoeld in de artikelen 19, 21 en 22.
arbeid, verricht in buiten het dienstrooster vallende tijd, mits deze
arbeid wordt verricht tussen 05.00 en 18.00 uur, de dagelijkse
schafttijd niet wordt verlengd, het aantal gewerkte uren op die
dag niet groter is dan het volgens het dienstrooster zou zijn
geweest en de verschuiving uiterlijk daags tevoren aan werknemer
wordt bekend gemaakt.
Overwerk en de oudere werknemer
Een werknemer van 50 jaar of ouder kan niet worden verplicht tot
overwerk, tenzij de werkgever hiervoor zwaarwegende argumenten
heeft. Het te verrichten overwerk zal met instemming van de ondernemingsraad,
in overleg met de personeelsvertegenwoordiging dan
wel bij afwezigheid van deze instanties, in overleg met de betrokken
werknemers worden vastgesteld.
Overwerk en de arbeidstijdenwet
De werktijd en wettelijk voorgeschreven rusttijd per dag mag voor
werknemers van 18 jaar en ouder niet langer zijn dan in totaal 11 uur.
Voor jongere werknemers is dit maximum 9 uur. In overleg met de
OR dan wel met een representatieve personeelsvertegenwoordiging
kan hiervan worden afgeweken. In dat geval geldt de overlegregeling
Arbeidstijdenwet.
Overwerk en tijd voor tijd
Overwerkuren worden in beginsel omgezet in vrije tijd. Daarbij
wordt ook het overwerkpercentage omgezet in vrije tijd. De werknemer
moet de vrije tijd in overleg met werkgever binnen drie maanden
na het ontstaan opnemen in hele of halve dagen. Een vrije dag
is 7,2 uur en een halve vrije dag is 3,6 uur. De werknemer kan niet
verplicht worden de vrije tijd in halve dagen op te nemen.
Bestaande afspraken van vóór 1 maart 1989 over het opnemen van
overwerkvergoedingen in vrije tijd of geld voor wat betreft de salarisgroepen
I, II, III en IV van bijlage IV blijven van kracht.
Bij aanvang van iedere kalenderperiode van vier weken wordt de
keuze door de werknemer aan de werkgever kenbaar gemaakt en
vastgesteld. Het tijdstip van opnemen in vrije tijd wordt in onderling
overleg tussen de werknemer en de werkgever vastgesteld.
Overwerk en uitbetalen
De werknemer kan in plaats van omzetting in vrije tijd vragen om
uitbetaling in geld. Bij aanvang van iedere kalenderperiode van vier
weken wordt de keuze door de werknemer aan de werkgever kenbaar
gemaakt en vastgesteld. 10. Overwerk en beloning
De toeslagen voor overwerk zijn beschreven in artikel 29 lid 3. 11.
Verschoven werktijd
In bijzondere gevallen, ter beoordeling van de werkgever, is de werknemer
verplicht zijn normale dagelijkse arbeid zoals deze is bepaald
in artikel 16 lid 1a te verrichten buiten de grenzen genoemd in artikel
16 lid 1c .Op de normale werkuren, vallend buiten het dagdienstvenster
is de ongemakkentoeslag van toepassing zoals beschreven in
artikel 29 lid 2. Voor daarboven gewerkte uren gelden de overwerkbepalingen
zoals beschreven in dit artikel.
In geval van verschoven werktijd dient tussen het einde van de werkdag
en het begin van de volgende werkdag (volgens dienstroosters)
een rustperiode van minimaal 11 uur in acht genomen te worden.
Deze rustperiode kan eenmaal per week worden ingekort tot 8 uur.
Over eventuele niet gewerkte uren dient het bruto individueel overeengekomen
loon te worden betaald.
Per week kan slechts één keer sprake zijn van bijzondere gevallen.
|
|