>

Artikel 18
Toekenning tredeverhogingen

  1. De werkgever kan de werknemer een functieloon toekennen behorende bij een hogere trede in dezelfde functieloonschaal, dan waarop hij krachtens zijn ervaringsjaren aanspraak heeft.

    1. De werknemer zal bij normale uitvoering van zijn werkzaamheden na verloop van elk vol functiejaar, een salarisverhoging worden toegekend, die gelijk is aan één loontrede van de functieloonschaal waarin hij is ingedeeld, tot hij het maximum van die loonschaal heeft bereikt.

    2. Indien de werkgever aan kan tonen dat er sprake is van onvoldoende uitvoering van de werkzaamheden en op grond daarvan geen tredeverhoging wenst toe te kennen, doet hij hiervan schriftelijke mededeling aan het betreffende personeelslid, onder opgave van redenen en uiterlijk 1 maand vóór het tijdstip waarop de tredeverhoging zou ingaan.

    1. Bij aanstelling kan aan de werknemer van 22 jaar en ouder door de werkgever een functieloon, behorende bij een hogere trede uit dezelfde functieloonschaal worden toegekend dan waarop hij krachtens zijn ervaringsjaren aanspraak heeft.

    2. Bij aanstelling van een werknemer die de leeftijd van 22 jaar nog niet heeft bereikt, kan worden bepaald dat voor de vaststelling en de verhoging van het functieloon wordt afgeweken van zijn leeftijd, dan wel dat hij wordt aangemerkt als volwassen werknemer.

  2. Indien de werkgever toepassing heeft gegeven aan het gestelde in de leden 1 en 3a en 3b, blijft lid 2 onverminderd van toepassing.