>

HOOFDSTUK IX

VERZUIM

Artikel 35

  1. Afwezigheid met behoud van loon

    1. Wanneer op een of meer dagen, niet zijnde roostervrije dagen, niet wordt gewerkt op grond van een van de navolgende omstandigheden, wordt per dag 8 diensturen genoteerd. Deze omstandigheden zijn:

      • wegens vakantie

      • tijd voor tijd regeling

      • op algemeen erkende chris¬te¬lijke en nationale feestdagen, niet vallende op zaterdag en/of zondag

      • bijzonder verlof

      • wegens ziekte of ongeval buiten schuld of toedoen van de betrokken werkne¬mer met uitzonde¬ring van de wachtdag

      • ATV-dagen

  2. Bijzonder verlof

    1. Voor de niet op zaterdag en/of zondag vallende dagen wordt met uitzondering van punt m, afwezigheid met behoud van loon toegestaan:

      1. bij ondertrouw van de werknemer ........................................1 dag

      2. bij huwelijk

        • van de werknemer ............................................2 dagen

        • van een kind, broer, zuster, zwager, schoonzuster of een der ouders of schoonouders van de werknemer ...............................................................1 dag

      3. bij zwangerschap en bevalling

        • bij bevalling van de echtgenote ..................................................2 dagen

        • conform de wettelijke regeling geldt voor vrouwen een zwangerschaps en bevallingsverlof van ......................................................16 weken

      4. bij overlijden

        • van de echtgeno(o)t(e) of een inwonend tot het gezin behorend eigen, stief of pleegkind van de werknemer, te rekenen vanaf de dag van het overlijden ................................4 dagen

        • van een der ouders, schoonouders, pleegouders of nietinwonende kinderen van de werknemer ..........................................2 dagen

        • van een broer, zuster, zwager, schoonzuster, een der grootouders van de werknemer of diens echtgeno(o)t(e) of een kleinkind van de werknemer ....................................1 dag

      5. bij priesterwijding van een kind of broer van de werknemer..................................1 dag

      6. bij een eeuwige kloostergelofte van een kind, broer of zuster van de werknemer ......................................1 dag

      7. bij een 25 of 40jarig huwelijk van de werknemer ..................................1 dag bij een 25, 40, 50 of 60jarig huwelijk van de ouders of schoonouders van de werknemer ...............................1 dag

      8. bij 25, 40 of 50jarig dienstjubileum van de werknemer .................................1 dag

      9. bij verhuizing

        • anders dan in geval van overplaatsing aan hen, die een eigen huishouding hebben, maximaal per jaar .......................................2 dagen

        • in geval van overplaatsing dient dit verzuim in onderling overleg geregeld te worden.

      10. na opzegging van de dienstbetrekking door de werkgever, voor het zoeken van een nieuwe werkgever, indien de werknemer tenminste gedurende 6 weken onmiddellijk aan de datum van opzegging voorafgaand, onafgebroken in dienst bij de werkgever is geweest, ten hoogste.............................................. 1 dag

      11. bij vervulling van een van overheidswege, zonder geldelijke vergoeding, opgelegde persoonlijke verplichting, de werkelijk benodigde tijd tot ten hoogste .....................................12 uur

      12. voor het afleggen van een vakexamen, waaronder wordt verstaan een als zodanig door de werkgever aangemerkt examen, de daarvoor benodigde tijd.

      13. voor het consulteren van een huisarts, tandarts, specialist of andere geneeskundigen en het laten verrichten van medische controles en onderzoeken, de daarvoor benodigde tijd.

      14. tenzij de belangen van de dienst zich daartegen verzetten wordt buitengewoon verlof met behoud van loon verleend voor:

        • de uitoefening van het kiesrecht.

      15. voor het verrichten van werkzaamheden ten behoeve van een werknemersorganisatie.

      16. Het hoofdbestuur van een werknemersorganisatie kan per vakantiejaar bij een werkgever voor elk tiental bij deze werkgever in dienst zijnde leden, dat bij haar is aangesloten en waarop deze overeenkomst van toepassing is, een dag zogenaamd organisatieverlof aanvragen om die leden met genoemde werkzaamheden te belasten.

        Het aantal leden wordt per werknemersorganisatie naar boven afgerond op tientallen, met dien verstande dat een werknemersorganisatie geen recht op organisatieverlof kan doen gelden wanneer zij bij een werkgever, waarop deze overeenkomst van toepassing is, minder dan tien leden telt. Per aangewezen werknemer kunnen niet meer dan twintig dagen organisatieverlof per vakantiejaar worden genoten.

        Test GRATIS uw pensioensituatie aan de hand van één druk op de knop!

      17. bij het deelnemen aan een vormingscursus ter voorbereiding op het pensioen voor de werknemer van 60 jaar en ouder, gedurende de tijd dat de cursus duurt met een maximum van een week en maximaal éénmaal per jaar.

    2. Bijzonder verlof is voor het gestelde in lid 1 onder punt m slechts van toepassing wanneer de afspraken niet op een zodanig tijdstip vallen dat de functieuitoefening zo min mogelijk wordt belemmerd.

    3. Bijzonder verlof voor het gestelde in lid 1 is op zaterdag en/of zondag slechts mogelijk wanneer er op die dagen arbeid wordt verricht als gevolg van een arbeidssysteem, een ploegendienst, een verschoven werkweek of een parttime dienstverband.

    4. Indien er sprake is van een arbeidssysteem, een ploegendienst, een verschoven werkweek of een parttime dienstverband is er geen toepassing van het gestelde in lid 1 onder a t/m p voor de vrije dagen die voortkomen uit het systeem, de ploegendienst, de verschoven werkweek of het parttime dienstverband.

    5. Voor zover van toepassing gelden de onder B lid 1 genoemde verlofrechten ook voor samenwonenden ingeval deze samenwoning minimaal 3 jaar geleden notarieel is vastgelegd.

  3. Afwezigheid zonder behoud van loon

  4. Afwezigheid zonder behoud van loon wordt toegestaan voor:

    1. het uitoefenen van het lidmaatschap van een openbaar lichaam, tenzij het bedrijfsbelang zich daartegen verzet;

    2. herhalingsoefeningen van dienstplichtigen;

    3. voor het verrichten van werkzaamheden ten behoeve van een werknemersorganisatie, die partij is bij het afsluiten van deze CAO tot ten hoogste 6 dagen per kalenderjaar tenzij het bedrijfsbelang zich daartegen verzet;

    4. in afwijking van het gestelde in artikel 34 B sub 0 geldt voor leden van de werknemersorganisaties, die werkzaam zijn in ondernemingen waar niet aan het in dat lid gestelde wordt voldaan, dat zij recht hebben gedurende 1 dag per jaar werkzaamheden ten behoeve van een werknemersorganisatie te verrichten, tenzij het bedrijfsbelang zich daartegen verzet. De betrokken werknemersorganisatie kan ten behoeve van de werknemers diens functieloon declareren bij het Opleidings en Ontwikkelingsfonds.

  5. Ouderschapsverlof

  6. In aanvulling op de wettelijke regeling bestaat de mogelijkheid om gedurende maximaal 3 maanden fulltime ouderschapsverlof op te nemen. Gedurende deze periode zal de normale opbouw van vakantie- en ATV-dagen alsmede vakantie-toeslag doorgang vinden en zal de gehele pensioenpremie over de niet gewerkte uren voor rekening van de werkgever komen.

  7. Zorgverlof

    1. Werknemers hebben het recht om gedurende maximaal 6 maanden onbetaald zorgverlof op te nemen. Dit verlof kan worden opgenomen ten behoeve van de zorg voor een lid van de huishouding van de werknemer. Enkel zwaarwegende bedrijfsbelangen kunnen voor de werkgever aanleiding zijn om het verzoek niet te honoreren. Een afwijzing dient schriftelijk aan de werknemer te worden overlegd.

    2. Werknemers dienen een verzoek tot opneming van zorgverlof tenminste 4 maanden voor aanvang van de verlofperiode in te dienen bij de werkgever.

    3. Na afloop van de verlofperiode heeft de werknemer het recht terug te keren in de oude functie.

  8. Levensloop

    • Na het genieten van levensloop heeft de werknemer het recht om terug te keren in zijn oude functie.

    • De periode van genoten levensloop telt mee voor het bepalen van de duur van de diensttijd.

    • Tijdens het genieten van levensloop zal de pensioenopbouw op de reguliere wijze worden voortgezet.

* N.B. De werknemer zal afspraken hieromtrent, waar mogelijk, op een zodanig tijdstip laten vallen dat zijn functie-uitoefening zo min mogelijk wordt belemmerd.