Sociale verzekeringen per 1 januari 2009

Uitkeringen als de AOW, ANW, WW, WIA, WAO en Wajong gaan vanaf 1 januari 2009 omhoog. De verhogingen worden doorgevoerd omdat de uitkeringen zijn gekoppeld aan het wettelijk minimumloon (WML). Het minimumloon stijgt van € 1356,60 naar € 1381,20 bruto per maand. Ook de kinderbijslag (die valt onder de minister voor jeugd en gezin) gaat omhoog. De aanpassingen zijn nodig omdat ook de lonen en de prijzen de afgelopen tijd zijn gestegen.

AOW’ers zien hun netto uitkering bijvoorbeeld tussen de € 8,- en de € 34,- per maand stijgen. Hoe hoog het bedrag is, hangt af van de persoonlijke situatie. De netto-uitkering van een alleenstaande AOW’er gaat bijvoorbeeld met ruim € 7,- omhoog naar € 932,81 per maand. Echtparen waarvan beide partners 65 jaar of ouder zijn, krijgen in totaal netto € 12,- per maand erbij. Hun gezamenlijke netto-uitkering komt dan uit op € 1278,80 per maand. Dat is exclusief vakantietoeslag en de tegemoetkoming AOW. Deze tegemoetkoming wordt aan alle AOW-ers uitbetaald en het bruto bedrag bedraagt in 2009 € 36,45 per maand.

Ook mensen met WW, WIA en WAO gaan er over het algemeen op vooruit. De uitkeringen worden verhoogd met 1,81%. De absolute stijging is lastiger aan te geven omdat die nog meer dan bij de AOW afhangt van persoonlijke omstandigheden. Zo is bijvoorbeeld ook van belang hoe hoog hun inkomen was voordat zij een uitkering kregen. Voor de berekening van de uitkering geldt bovendien een maximum inkomen; verdient men meer dan telt het deel boven dat maximum niet mee bij het bepalen van de uitkering. Dit zogeheten maximumdagloon wordt per 1 januari 2009 vastgesteld op € 183,15 bruto per dag.

AOW

Heeft u een juridische vraag?
 
Wilt u ook toegang tot direct, persoonlijk juridisch advies?
Meld u aan bij De Juridische Helpdesk.

AOW’ers die getrouwd zijn of samenwonen hebben elk een eigen recht op een AOW-pensioen. De hoogte daarvan is gelijk aan de helft van het netto minimumloon. De AOW voor een alleenstaande bedraagt 70 procent van het netto minimumloon en dat voor een eenoudergezin 90 procent. Bij die laatste groep gaat het om pensioengerechtigden die een kind hebben jonger dan achttien jaar voor wie zij kinderbijslag ontvangen.

Voor gehuwde AOW’ers van wie de partner jonger is dan 65, gelden afwijkende regels. Normaal gesproken is het pensioen gelijk aan 50 procent van het minimumloon (de uitkering voor een gehuwde). Daarbovenop komt een toeslag van maximaal hetzelfde bedrag (bruto € 686,78) (deze toeslag komt overigens te vervallen per 1 januari 2015). Echter, is het recht op pensioen al ingegaan voor 1 februari 1994 dan valt de AOW’er onder een overgangsregeling en is het pensioen 70 procent van het netto minimumloon. De toeslag is dan maximaal 30 procent.

De uitkeringsbedragen per 1 januari 2009. (In deze bedragen is nog geen rekening gehouden met de tegemoetkoming AOW van € 36,45 bruto per maand.) De vakantie uitkering wordt in de maand mei beschikbaar gesteld.

Bruto per maand

Bruto vakantie uitkering per maand

Gehuwden

€   686,78                       

€ 40,36

Gehuwden met maximale toeslag (partner jonger dan 65 jaar) 

€ 1.373,56

€ 80,72

Maximale toeslag

€   686,78

Ongehuwden

€ 1.001,94

€ 56,50

Ongehuwd met kind tot 18 jaar

€ 1.271,82

€ 72,65

AOW-pensioen ingegaan vóór 1-2-1994  

Gehuwden zonder toeslag (partner jonger dan 65 jaar)

€ 1001,94                      

€ 56,50     

Maximale toeslag

€   371,62

Gehuwden met maximale toeslag (partner jonger dan 65 jaar)

€ 1.373,56

€ 80,72

ANW

Heeft u een juridische vraag?
 
Wilt u ook toegang tot direct, persoonlijk juridisch advies?
Meld u aan bij De Juridische Helpdesk.

De Algemene nabestaandenwet (ANW) is een volksverzekering die recht geeft op een uitkering aan volwassenen van wie de partner is overleden. Het kan gaan om een huwelijkspartner of een partner met wie zij ongehuwd samenwoonden. De uitkering bedraagt maximaal 70 procent van het netto minimumloon. Nabestaanden die een kind verzorgen van 18 jaar of jonger waarvan een ouder is overleden, krijgen daarnaast een inkomensafhankelijke uitkering van 20 procent van het netto minimumloon. Ook weeskinderen komen in aanmerking voor een uitkering.

De hoogte van de ANW-uitkering is afhankelijk van het inkomen van de nabestaande. Uitkeringen worden er geheel van afgetrokken. Van inkomen uit arbeid blijft een deel buiten beschouwing (50 procent van het minimumloon plus een derde deel van het meerdere).

Nabestaanden die voor januari 1996 al een AWW-uitkering (de voorganger van de ANW) ontvingen, krijgen in ieder geval een bodemuitkering van 30 procent van het bruto-minimumloon, ook als hun inkomen hoger uitvalt dan de bovengenoemde inkomensgrens.

In onderstaand overzicht zijn de bruto ANW bedragen opgenomen. De bedragen zijn weergegeven exclusief de tegemoetkoming ANW. Deze bedraagt bruto € 16,78 per maand.

Bruto per maand 

Bruto vakantie uitkering per maand 

Maximale nabestaandenuitkering 

€ 1068,98 

€ 68,22 

Halfwezenuitkering

€   244,26 

€ 19,48 

Wezenuitkering tot 10 jaar 

€   342,07 

€ 21,83 

Wezenuitkering van 10 tot 16 jaar

€   513,11 

€ 32,75 

Wezenuitkering van 16 tot 21/27 jaar

€   684,15 

€ 43,66 

Kinderbijslag

Ieder half jaar worden de kinderbijslagbedragen aangepast. De bedragen groeien mee met de ontwikkeling van de prijzen. Op 1 januari 2009 bedraagt het basisbedrag per kind € 278,55. Voor kinderen die op of na 1 januari 1995 geboren zijn, is de hoogte van het kinderbijslagbedrag alleen afhankelijk van de leeftijd van het kind. Voor kinderen die geboren zijn vóór 1 januari 1995 of die na 1 oktober 1994, 6 of 12 jaar worden is de hoogte van het kinderbijslagbedrag ook afhankelijk van het aantal kinderen in het gezin.

Vanaf 1 januari 2009 gelden in de kinderbijslag de volgende bedragen per kind per kwartaal.

I. Kinderen geboren vóór 1 januari 1995: 12 t/m 17 jaar
Gezinnen met:

1 kind

€ 278,55                                                    

2 kinderen

€ 313,25 

3 kinderen

€ 324,81 

4 kinderen 

€ 350,23 

5 kinderen

€ 365,47 

6 kinderen 

€ 375,64 

II.  Voor kinderen geboren op of na 1 januari 1995 gelden de volgende  bedragen:

0-6 jaar 

€ 194,99   

6-12 jaar 

€ 236,77

12-18 jaar 

€ 278,55 

Deze bedragen blijven gelijk, ongeacht de gezinsgrootte.

Kindertoeslag

Heeft u een juridische vraag?
 
Wilt u ook toegang tot direct, persoonlijk juridisch advies?
Meld u aan bij De Juridische Helpdesk.

Vanaf 2009 wordt de hoogte van de kindertoeslag berekend o.b.v. het aantal kinderen in het gezin en o.b.v. het inkomen van het gezinsinkomen. De kindertoeslag bedraagt maximaal:

gezinnen met 1 kind

€ 1011,-   

gezinnen met 2 kinderen

€ 1322,-   

gezinnen met 3 kinderen

€ 1505,- 

gezinnen met 4 kinderen 

€ 1611,- 

Voor gezinnen met méér dan 4 kinderen wordt een bedrag van € 51,- per kind extra uitgekeerd.

Het toetsingsinkomen is in 2009 € 29.914,-. Daarna wordt de toeslag afgebouwd met 6,5% van het extra inkomen.

Wajong

De Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) biedt jonge gehandicapten en studenten die arbeidsongeschikt zijn een uitkering op minimumniveau. De grondslag op basis waarvan de uitkering wordt berekend gaat per 1 januari 2009 omhoog. Ook de grondslagen voor Wajong-gerechtigden beneden de 23 jaar, die worden afgeleid van de minimumjeugdlonen, worden op die datum verhoogd.

Per 1 januari 2009 zijn deze bruto grondslagen (exclusief vakantietoeslag) per dag:

vanaf 23 jaar ten hoogste                                             

€ 63,50          

22 jaar ten hoogste 

€ 53,98

21 jaar ten hoogste 

€ 46,04 

20 jaar ten hoogste 

€ 39,06 

19 jaar ten hoogste 

€ 33,34 

18 jaar ten hoogste 

€ 28,89 

Naast de Wajong-uitkering heeft elke Wajong-gerechtigde onder de 23 jaar recht op een tegemoetkoming. Deze compenseert (deels) de inkomensachteruitgang die de invoering van de Zorgverzekeringswet heeft veroorzaakt.

22 jaar                 

€    1,71 bruto per maand 

21 jaar 

€    4,14 

20 jaar 

€    8,41 

19 jaar 

€ 14,03 

18 jaar 

€ 14,65 

Maximumdagloon (WW, WIA en WAO)

Per 1 januari 2009 worden bestaande uitkeringen verhoogd met 1,81%. De hoogte van de WW, WIA en WAO-uitkering hangt mede af van de hoogte van het laatst verdiende loon en het zogenoemde maximumdagloon. Per 1 januari 2009 wordt het maximum dagloon verhoogd van € 179,90 naar € 183,15 bruto.

Toeslagenwet en kopjes op de uitkeringen


De Toeslagenwet zorgt voor een aanvulling op een aantal uitkeringen tot het sociaal minimum. Het gaat bijvoorbeeld om de WW, WIA, WAO en ZW-uitkering. Er ontstaat recht op een toeslag als uitkeringsgerechtigde een uitkering ontvangt die lager is dan het normbedrag. De toeslag vult de uitkering aan tot het normbedrag, maar het totaal van de uitkering en toeslag samen is niet meer dan het vroegere loon.
Een toeslag op de uitkering kan worden aangevraagd bij het UWV.

De hoogte van de normbedragen per 1 januari 2009 zijn als volgt vastgesteld:

ZW/WW/WAO/WIA/Wajong* 

Gehuwden                                    

€ 63,50                                                                                     

Alleenstaande ouders 

€ 60,50 

Alleenstaanden: 

vanaf 23 jaar 

€ 48,47 

22 jaar 

€ 37,67 

22 jaar 

€ 37,67 

21 jaar 

€ 31,80 

20 jaar 

€ 26,50 

19 jaar 

€ 22,18 

18 jaar 

€ 19,27 

*exclusief vakantietoeslag

Premiepercentages 2009

premiepercentages

2008 

2009 

verschil 

AOW 

17,90 

17,90 

0,00 

a) ANW

1,1

1,1

0

a) AWBZ

12,15

12,15

0

b) WAO/WIA-basispremie (Aof)

5,65

5,7

0,05

b) Uniforme WAO-premie  (Aok)

0,15

0,15

0

b) WGA-rekenpremie (Werkhervattingskas)

0,57

0,47

-0,1

c) Awf werkgeverspremie

4,75

4,15

-0,6

d) Awf werknemerspremie

3,5

0

-3,5

e) ZVW-inkomensafhankelijke bijdrage werkgevers

7,2

6,9

-0,3

UFO

0,78

0,78

0

UFO-ERD ZW

0,72

0,72

0

f) Sectorpremie gemiddeld

1,04

1,07

0,03

g) Verplichte werkgeversbijdrage kinderopvang

0,34

0,34

0

bedrag in euro's

Max. premieloon werknemersverzekeringen

€     177,03

€     183,15

€       6,12

Max. bijdrageloon ZVW per jaar

€ 31.231,00

€ 32.369,00

€ 1.138,00

Franchise Awf-premie per dag

€       61,00

€       63,00

€       2,00

a) Het UWV heeft de WGA-rekenpremie lager vastgesteld dan in 2008. De effecten op de lasten voor werkgevers zijn neutraal door een hogere WAO/WIA-basispremie (Aof) en sectorpremie.

b) De AWf-premie wordt ten opzichte van 2008 met 0,60%-punt verlaagd naar 4,15%. Deze daling wordt veroorzaakt door de investering die het kabinet doet in verlaging van de lasten op arbeid.

c) De AWf-premie voor werknemers wordt verlaagd naar 0%. Hierdoor dalen de lasten op arbeid, wat een participatiebevorderend effect heeft.

d) De inkomensafhankelijke bijdrage in het kader van de Zvw daalt met 0,3%-punt van 7,2% naar 6,9%.

Verzekerden zonder werkgeversvergoeding zijn een inkomensafhankelijke bijdrage verschuldigd van 4,8%.

e) Het UWV heeft de gemiddelde sectorfondspremie 0,03% hoger vastgesteld dan in 2008. Deze verhoging wordt grotendeels veroorzaakt door de sector uitzendbedrijven met een premiestijging van 5,05% naar 6,50%.

Heeft u een juridische vraag?
 
Wilt u ook toegang tot direct, persoonlijk juridisch advies?
Meld u aan bij De Juridische Helpdesk.