Artikel 19 Werkweek
Artikel 20 Algemeen erkende feestdagen

Hoofdstuk 4: Werktijden en Arbeidstijdadministratie

Artikel 19 Werkweek

  1. Voor werknemers geldt een vijfdaagse werkweek, met een gemiddelde arbeidstijd van 40 uur. Per kalenderweek ontstaat derhalve aanspraak op 2 rustdagen.
  2. Indien in enige betalingsperiode van 4 weken of een maand minder dan 8 respectievelijk. 8 2/3 rustdagen, zoals bedoeld in lid 1, zijn genoten, wordt per te weinig genoten rustdag 8 uur arbeidstijd (partimers zie artikel 8 lid 1) op de loonbetaling in mindering gebracht en omgezet in een compensatierustdag. Compensatierustdagen kunnen pas worden genoten als deze zijn opgebouwd en vervolgens pas worden toegekend als de rustdagen per betalingsperiode zijn genoten. Voor elke 8 uur arbeidstijd wordt, uiterlijk 30 april van het jaar volgend op het jaar waarin de arbeidstijd is opgebouwd of gelijklopend met de jaar-/spaarurenregeling, één betaalde vervangende rustdag (compensatierustdag) gegeven. Compensatierustdagen opgebouwd in de maand voorafgaand aan het afrekenmoment dienen te worden gecompenseerd in het eerste kwartaal van het de daarop volgende periode, danwel op het afrekenmoment te worden uitbetaald.
  3. De vergoeding in tijd wordt gegeven op standplaats in hele en desgewenst in halve dagen (voor zover niet in strijd met het ATB Vervoer). Voor iedere hele of halve dag krachtens deze regeling wordt 8 resp. 4 maal het uurloon vergoed onder gelijktijdige vermindering van het aantal opgespaarde uren met 8 resp. 4 uur.
  4. Het intrekken van een toegekende compensatierustdag binnen 24 uur voorafgaande aan het moment waarop de compensatierustdag wordt genoten, is alleen mogelijk als de werknemer daarmee instemt. De werknemer heeft in dat geval recht op een bruto toeslag van € 11,51.
  5. Op 30 april of op het afrekenmoment van de overuren, als bedoeld in artikel 30, worden de overgebleven compensatierustdagen uitbetaald à 135%. De werknemer kan schriftelijk verzoeken om deze dagen niet uit te laten betalen, maar te reserveren als vakantiedagen. Compensatierustdagen moeten met voorrang op spaaruren en werkgelegenheidsdagen vóór 30 april van het volgende jaar of voor het afrekenmoment van de jaarurenregeling worden teruggegeven.

naar boven

Artikel 20 Algemeen erkende feestdagen

  1. Algemeen erkende feestdagen zijn:
    • Nieuwjaarsdag,
    • 2e Paasdag,
    • Koninginnedag
    • Hemelvaartsdag,
    • 2e Pinksterdag,
    • Beide Kerstdagen;
    De dagen, op welke krachtens aanwijzing van de overheid extra vrijaf met behoud van loon mag worden verleend.
  2. Aan de werknemer die op een feestdag, bedoeld in lid 1, niet op zaterdag of zondag vallende arbeid verricht dan wel de wekelijkse vrije dag geniet, wordt een vervangende vrije dag toegekend.

    1. Voor de vervangende vrije dag die voor een feestdag in de plaats treedt, worden 8 uren voor de loonberekening in aanmerking genomen;
    2. De op de feestdag gewerkte uren worden bovendien voor de loonberekening in aanmerking genomen;
    3. De vervangende vrije dag dient te worden genoten vóór 30 april van het jaar volgend op het jaar waarin het recht is ontstaan. De compensatie feestdagen worden in hele of halve dagen gegeven.
  3. Compensatierustdagen en compensatiefeestdagen kunnen in de urenadministratie worden samengevoegd.

naar boven